ABN AMRO
Open Close

Jan Jonker: de circulaire economie is vooral een sociale uitdaging

En we hebben nog een lange weg te gaan..

Met duurzame bestsellers en een landelijk onderzoek naar circulaire businessmodellen op zijn naam, is Jan Jonker met recht een CE-expert te noemen. De hoogleraar Corporate Sustainability stond 7 december in Circl, waar hij zich eerder kritisch over uit liet, voor een volle zaal. Jonker gaf een college over circulaire economie waarvoor ABN AMRO, Green Businessclub Zuidas en Accenture de krachten bundelden. Hij opent zijn verhaal met de boodschap dat hij sinds deze week een dubbele professor titel mag dragen: in Vlaanderen is hij net benoemd voor een leerstoel over sociaal ondernemen &  nieuwe businessmodellen. Vol zelfspot laat hij zijn zelfbenoemde, ietwat amateuristische LinkedIn update zien, die overigens duizenden mensen bereikte. Meteen heeft hij de lachers op zijn hand.

Jonker warmt vervolgens  de zaal op met wat vragen: Hoeveel matrassen gooien we per jaar weg in Nederland? 1,4 miljoen. Wat is een nationaal probleem met een omvang 400.00 ton per jaar? Vervuilde luiers. Wie gebruikt er bewust tandpasta zonder plastic? Foute antwoorden worden afgestraft met een “you’re out”. Hij vervolgt: “We leven in een werkelijkheid waar alles wat we gebruiken problematisch wordt. Een ordinair stuk plastic heeft een levensloop van 80 jaar. Apple heeft pas sinds 3 weken een manier gevonden om hun telefoons te recyclen. We hebben een probleem, een serie aan problemen, en dat moeten we op een nieuwe manier gaan oplossen.”

Transities zijn onomkeerbare disrupties

Jonker: Deze problemen aanpakken vraagt om een fundamentele verandering. We noemen dat een transitie. Wat is nu precies de verandering die circulaire economie heet? En hoe werkt nu zo’n transitie? Elke transitie heeft een paar dingen gemeen: het komt nooit alleen, het is een serie van veranderingen tegelijkertijd. Het gaat snel en het verdwijnt niet meer. Denk aan de stoomtrein, de auto, de mobiele telefoon en het internet. Op de slides zien we een straatbeeld zien waarbij paard en wagen de boventoon voert en daarna een straatbeeld van 20 jaar later met alleen maar auto’s, wat illustreert dat een transitie om onomkeerbaar is.

Een transitie komt op en is niet tegen te houden.

Verschuiving van product naar een service georiënteerd businessmodel

Jonker: We gaan van producten naar servitization. Dat wil zeggen dat dienstverlening een steeds belangrijke rol krijgt bij traditionele maakbedrijven. Denk aan modellen waarbij je als consumenten betaalt voor gebruik, pay-per-use, reparatieservice en trainingen om onderdelen te vervangen. De hele transitie van lineair naar circulair, dat gaat over een economie, een economisch systeem. Ons huidige economisch systeem is gefocust op maximalisatie van waarde, waarin de waardeketen het belangrijkste fundament is. Porter heeft het waardeketen-denken voor het eerste beschreven in 1985. We moeten het idee van de waardeketen gedeeltelijk achter ons laten en de waardecyclus adopteren. We komen uit een lineaire economie. Hierin wordt waarde toegevoegd vanaf het ontwerp; naar productie, naar verkoop tot het gebruik. De waarde gaat na gebruik verloren of neemt af. Het circulaire model bestaat uit kringlopen waar waardebehoud centraal staat: het begint al bij het productdesign door reststromen in te zetten in plaats van grondstoffen. Elke fase moet een geslopen kringloop zijn.

De grootste uitdaging: lange termijn samenwerking

Jonker: “De kern van de circulaire economie is dat je alle schakels nodig hebt om de waardekringloop te sluiten. Dat vraagt om samenwerken op de lange termijn. Dit geldt voor alle partijen; van start-up tot corporate, van kennisinstituut tot overheid. Je moet je voor 10/15 jaar committeren om samen verandering te creëren. Dat is de grootste uitdaging van de circulaire economie. Deze nieuwe economie is ook niet iets wat op zichzelf staat. Het is onderdeel van een systeem, het is een onderdeel van verduurzaming.”

100% circulair is een illusie 

Van Jan Jonker verwacht je een kritische noot en die ontbreekt zeker niet in zijn college.

Jonker: “We kunnen iets makkelijk duurzaam noemen. Onder de noemer duurzaamheid valt ook veel te scharen. Circulair is een ander verhaal.  Hebben we iets 100% circulairs in deze kamer? Nee. Water is het enige wat bijna 100% circulair is. De ambitie die het Nederlandse kabinet heeft geformuleerd, een 100% circulaire economie in 2050, is fysiek onmogelijk. Totale bullshit. We kunnen kringlopen niet altijd sluiten.”

Grote investeringen nodig

Jonker waarschuwt dat er veel geld nodig is om circulariteit van de grond te krijgen, en is niet onder de indruk van de 1 miljard die ABN AMRO uittrekt om circulaire bedrijfsmiddelen te financieren.  Jonker: “Om de grote ambities van bijvoorbeeld het kabinet te realiseren, zoals in 2030 50% minder grondstoffen/virgin materials inzetten, hebben we 10 biljoen nodig. Er is nog veel te doen. Jonker heeft een grootschalig onderzoek geleid naar circulaire bedrijven. Ze vonden er in totaal maar 100 die er echt me bezig zijn. Conclusie: er wordt veel over circulariteit gepraat, maar de werkelijkheid blijf nog achter.”

Een nieuwe generatie businessmodellen

Jonker: “We hebben een nieuwe generatie businessmodellen nodig die passen bij een nieuw economisch model: de circulaire economie. In deze modellen is sociale en ecologische waarde minstens zo belangrijk als financiële waarde, ook wel meervoudige waardecreatie genoemd. Zo ontstaat een gedeeld business model voor meerdere organisaties en partijen: een collectieve business propositie. Dit levert ook moeilijkheden op, zoals de vraag: wie is nu de wettelijke entiteit? Om echt kringlopen te sluiten kom je er niet met de juiste mensen aan tafel, je hebt nieuwe financieringsmodellen en wettelijke constructies nodig. Het economisch systeem in de kamer dus én je moet bereid zijn om samen te werken voor de komende 10 jaar. We hebben in het onderzoek naar circulaire economie een aantal nieuwe businessmodellen geïdentificeerd:

  1. Product as a service models: toewerken naar modellen waar het bezit bij de fabrikant blijft liggen.
  2. Platform-sharing models; delen van je bezit en functionaliteiten. Dit concept wordt al in verschillende sectoren toegepast, vooral business-to-business.Voorbeeld is het bedrijf Pooling Partners: zij hebben een gesloten kringloop gecreëerd met hun houten pallets in Europa.
  3. Life cyle extension models – producten repareren of onderdelen opnieuw gebruiken (refurbish), denk bijvoorbeeld aan refurbish gigant Leapp.
  4. Cascading models: dit zijn de meest complexe modellen gebaseerd op het metabolisme van materialen. Een voorbeeld hiervan is het toenemende aantal vervuilde luiers, 400.000 ton. Er is een manier gevonden om dit maatschappelijke probleem om te zetten in businessmodel: met het schoonmaken van luiers komt warmte vrij en dat wordt omgezet in energie.

Jonker eindigt zijn college met food for thought: de circulaire economie is vooral een sociale uitdaging, geen technologische.